VOLTHE
OMGEVING


Weerselo

De Gemeente Weerselo is ontstaan uit de samenvoeging van de plaatselijke marken. 
Deze marken werden gevormd door de buurtschappen Dulder, Deurningen, Gammelke, Hasselo, Klein Driene, Lemselo, Rossum en Volthe. De meeste markegronden in de Gemeente werden verdeeld in het jaar 1860.
De Gemeente Weerselo bestaat thans uit de 5 kerkdorpen: Weerselo, Saasveld, Deurningen, Rossum en Het Stift. De oppervlakte van de gemeente is 9240 ha en het aantal inwoners is (1-1-1996) 9188.

Reeds in de middeleeuwen was Weerselo bekend. 
In het huidige Saasveld lag het slot Saterslo en het dorpsgezicht "Het Stift" is de voormalige oude kern van Weerselo. 
                                             
                                                                kasteel Saterslo in circa 1530
Verder lagen er in het gebied van Slot Saterslo enkele Havezathen. Momenteel ligt alleen in de buurtschap Volthe nog een oude Havezathe "Het Everloo". (nu een restaurant)
Het genoemde (beschermd) dorpsgezicht "Het Stift" bestaat uit de Stiftskerk (1400) en de Stiftshuizen. 
Samen met de naaste omgeving vormen ze een fraai geheel. Het verleden zindert onder de eeuwenoude bomen. 

Aan de overzijde van het kanaal Almelo-Nordhorn ligt de middeleeuwse aarden vluchtburcht de Hunenborg. Het kanaal werd eind vorige eeuw gegraven in het kader van de turfwinning. Tot in deze eeuw toe zijn er altijd de 'woeste', onherbergzame (heide-)gronden geweest. Vooral omdat er steeds meer landbouwgrond voor steeds meer inwoners nodig was, werd er heel wat van deze stukken afgegraven.Door de turfwinning en het afgraven is een groot deel van de woeste grond verdwenen.
In de Gemeente Weerselo zijn landbouw en veeteelt door de jaren heen de voornaamste middelen van bestaan geweest. 
Met de komst van de dorpskernen heeft ook de industrie zijn intrede gedaan. 


VOLTHE > de Esweg, de Goorweg, de Laarweg

Weerselo op internet

Vasse
Vasse, met de boerderij aan het Lädderke, tussen Tubbergen en Hezerberg (rechts).
Het Vasser grafveld (met 20 grafheuvels) heeft archeologische en natuurwetenschappelijke betekenis.
De watermolens 'De Mast', 'de Molen van Bels' en 'de Molen van Frans' die hun energie kregen van de Mosbeek. 
Aan de kant van deze beek een uitzonderlijke flora, net als langs de talloze andere beekjes en vochtige terreinen.
Een omgeving met heuvels en vergezichten, heidevelden met veen- en jeneverbessen, bossen en bosjes, oude houtwallen en percelen eikenhakhout.
De Kapel aan de Oldenzaalseweg 75. Naast de kapel een 900-jarige eik waaronder in de 17e en 18e eeuw de vervolgde katholieken clandestiene gebedsbijeenkomsten hielden. Aan deze weg liggen vele vakwerkboerderijen.

Losser en Lutte

Losser, in het Dinkeldal  is als gemeente ontstaan in 1811 door afscheiding van het richtersambt Oldenzaal. 
Losser groeide in 1817 toen de marken Lutte, Beuningen en Berghuizen met Losser één gemeente werden. In latere jaren werden delen van Berghuizen bij Oldenzaal gevoegd. 
Oldenzaal was toen geen enclave meer binnen Lossers grondgebied.
Vóór de Franse tijd bestond de gemeente Losser uit een aantal marken. 
De Lutte was eens één der machtigste en rijkste marken van Twente. 
De marke De Lutte was verdeeld in vier "Heurnes" (Roorderheurne, de Molterheurne, de Elfterheurne en de Hengelheurne). 
Men had in de marken een eigen wetgeving en rechtspraak (het markerecht), waarin het gemeenschappelijk bezit van de markegrond was geregeld.
Enkele boerenerven rond Losser werden al genoemd in de negende eeuw. 
Van een parochie Losser (kerspel Lotere) wordt al gesproken in 1352.
Van de oude parochiekerk uit 1200 resteert nog de oude toren.

Door de vele overstromingen en kracht van het riviertje de Dinkel, is een grillige rivierbedding door het Losserse landschap getrokken die met name bij het 'Lutter Zand' oogstrelend is. 
Dit grensriviertje doorkruist van zuid tot noord de gemeente Losser.
                                               
                                                             de Dinkel bij Losser

Tubbergen

Het is een van de oudste woongebieden van Nederland.
De naam Tubbergen is mogelijk afgeleid van 'tussen de bergen' (nog steeds drie bergen in het wapen).
In 1950 werd er onder Tubbergen aardgas gevonden. In de jaren erna begon men met de exploitatie van het Twentse aardgas. (Dit heeft niet lang geduurd omdat inmiddels de gasbel in Slochteren aangeboord was.)
In 1960 werkte 45 % in de (textiel-)industrie.
                                         
                                                             Galgenberg (Tubbergen)

1900: circa 6000 inwoners.
1972: circa 16.000 inwoners.

Hoofdplaats is Tubbergen. Verder de kerkdorpen Albergen, Harbrinkhoek-Maria Parochie, Geesteren, Langeveen, Vasse, Reutum, Fleringen, en een aantal buurtschappen.

de erven
In het schattingsregister van 1475 vinden we 134 erven in Tubbergen. 
Ook de hoeven in Tubbergen ontstonden uit de kleine nederzettingen. 
Het Tubbergse gebied was bezaaid met heidevelden, bossen en allerlei'opslag'. 
Daartussen, in de immense eenzaamheid,  groeiden de 'buurtschappen'. 
Die zou je kunnen vergelijken met groepjes kleine boerderijen. 
Men verbouwde vooral rogge, gerst en haver. Het land van de boertjes lag verspreid op de essen rondom de nederzetting. Het vee lieten ze grazen op de wilde grond rondom de nederzetting.  
Ooit was iedere boerderij, inclusief het land, apart omgeven door een omwalling. 
Toch al vrij snel begon men het bouwland te verdelen (verkavelen) in lange stroken land. 
Wij moeten dan denken aan de 7e eeuw. Al die akkertjes lagen, keurig in een lange rij, zonder tussenscheiding. Om de nederzetting en akkers werd wel een afzetting gemaakt. 
Een wal, een hout-bouwsel moest bescherming bieden tegen het wild en het vee. 
Er leefden maar weinig mensen. Doodeenvoudig omdat de opbrengsten, en daarmee het voedsel voor mens en vee erg gering waren. Er was weinig mest en de onvruchtbare grond kon niet zonder. In Tubbergen hield men vrij lang vast aan het verbouwen van slechts één gewas (meestal rogge), wat een verzuring van de toch al arme grond met zich mee bracht. Een 'horige' boer betaalde 'tienden' . Hij moest zorgen voor belastng, opbrengst en pacht aan het klooster
(Albergen / Weerselo), de Twentse drost, het kapittel van Utrecht, de rentmeester, zijn eigen gezin en zijn eigen ruil-goederen. (zie horigheid )

de 18e eeuw
Er kwam een verandering in het landbouw-gebeuren. 
De boeren begonnen met het verbouwen van aardappelen. Ook zag je meer voedergewassen en boekweit. De eeuwige roggeteelt was niet meer. Vooral de teelt van aardappelen bracht een grote ommekeer voor de boeren. De opbrengst was veel hoger. Wel vier keer zoveel mensen konden gevoed worden van een stuk grond dat veranderde van rogge- in aardappelteelt. 
En zeker niet onbelangrijk was ook, dat de aardappelgronden vrij waren van 'tienden'. 
En zo verschenen er de Twentse aardappel- en boekweit pannenkoeken op tafel!

de 19e eeuw
Begin 19e eeuw schrijft een reiziger over Tubbergen : 
'Hier heeft men een heerlijk gezigt op den omstreke.'
Tubbergen heeft in 1846 ruim 5000 inwoners., 8 buurtschappen, 3 rk kerken, 7 scholen.
's Middags werd er uitgebreid getafeld. 
De boer, zijn vrouw, zijn gezin, de knechten en meiden, de varkens, honden en katten, ze aten allemaal uit één pot. In een kleine ruimte, vaak zwart van de rook
Het bekendste café was 'Den Vergouden Leeuw.
Voor ingewijden: In Tubbergen kende men: de polka, prins Eugenius, de marsch van melbroek, 
't mölleken, kloare jenever en 't schoenmekertien.

We laten nog even de bezoeker uit 1845 aan het woord: 
'De Tubberger meisjes hebben weinig bekoorlijks,  en ook de kleeding doet er niet toe om ten minste eenige illusie te scheppen. Die gladde muts, of bij de jongere dat zwarte kapje, waaronder een koperrood en meestal sterk geneusd aangezigt uitkijkt ...'

Op de scholen zaten vrijwel alleen katholieke kinderen. Ook op de openbare school. 
Op school werd (1840) géén zangles gegeven omdat er volgens de pastoor 'teveel overeenkomst met de protestante kerkzang' was.  En omdat de katholieken het in Tubbergen voor het zeggen hadden, gebeurde het ook.


scheldnamen
De bewoners van iedere plaats in Twente hebben bij- of scheldnamen. 
Die namen zijn meestal bepaald door historische gebeurtenissen of aan de plaats toegeschreven eigenaardigheden.
enkele voorbeelden:
Losser: bekkensnieders, braandstichters
De Lutte: buk
Oldenzaal: boeskeul
Ootmarsum:  siepels, vaandeldieven
Rossum: görtekeuren
Tubbergen: schoapenböllekes
Volthe: öllieböarde
Weerselo: knollentrekkers


foto's Volthe en omgeving
Rebecca Steenhoff 2004
(klik voor vergroting)

volthe.JPG (51483 bytes)
Volthe
volthe4.JPG (65223 bytes)
Volthe
volthe5.JPG (52692 bytes)
Volthe
volthe6.JPG (67174 bytes)
Volthe
volthe7.JPG (93811 bytes)
Volthe

volthe111.JPG (73507 bytes)
Volthe
volthe8.JPG (49733 bytes)
Volthe
volthe3.JPG (48665 bytes)
Volthe
losser1.JPG (32280 bytes)
Losser
losser2.JPG (67507 bytes)
Losser
losser3.JPG (39573 bytes)
Losser
losser4.JPG (68654 bytes)
Losser
losser5.JPG (26764 bytes)
Losser
rossem2.JPG (33277 bytes)
Rossem
rossem3.JPG (111519 bytes)
Rossem
rossem1.JPG (26885 bytes)
Rossem
tilligte2.JPG (44940 bytes)
Tilligte
tilligte.JPG (97247 bytes)
Tilligte
tilligte1.JPG (69983 bytes)
Tilligte
tubbergen1.JPG (94036 bytes)
Tubbergen
tubbergen2.JPG (68416 bytes)
Tubbergen
tubbergen3.JPG (36467 bytes)
Tubbergen
tubbergen4.JPG (104103 bytes)
Tubbergen
tubbergen5.JPG (36915 bytes)
Tubbergen
tubbergenkerk.JPG (46202 bytes)
Tubbergen
tubbergenkerk2.JPG (39979 bytes)
Tubbergen RKkerk
tubbergenpastorie.JPG (94457 bytes)
Tubbergen pastorie
vasse.JPG (45642 bytes)
Vasse
vasse4.JPG (163996 bytes)
Vasse
vasse7.JPG (46593 bytes)
Vasse
vasse6.JPG (42675 bytes)
Vasse
vassebels.JPG (74019 bytes)
Vasse watermolen Bels