DORPEN ETC.
![]()
kopergravure
TETRACHIA | DUCATUS GELDRIAE | NEOMAGENSIS
Deze kaart van het Kwartier Nijmegen van het Hertogdom Gelre werd uitgegeven door Frederik de Wit.
De kaart is gebaseerd op een oudere kaart die de kartograaf Nicolaes van Geelkercken in de dertiger jaren van de 17de eeuw maakte voor de geschiedschrijving van Gelderland door Johannes Pontanus.
UBBERGEN
Ubbergen, Beek, Ooy, Leuth, Kekerdom, Erlecom, PersingenDeze gemeente bestaat uit de dorpen Ubbergen, Beek, Ooy, Leuth en Kekerdom
en de buurtschappen Erlecom en Persingen.
Vóór het begin van de 20e eeuw waren in deze gemeente slechts 2 kerken voor Roomsch Katholieken (Leuth en Kekerdom) en 3 voor Protestanten (Ubbergen, Beek, Ooy).Leuth
Het dorp Leuth (niet te verwarren met het Duitse Leuth)Ubbergen
Het dorp Ubbergen, ten zuidwesten Nijmegen, ten noordwesten Ooi en Persingen, ten noordoosten de heerlijkheid Beek, ten zuidoosten het Nederrijksche wald en ten zuiden het dorp Hatert .
Ooy
Ooij ligt aan de dijk van de Waal.
Buiten- en binnendijks rond Ooij is de bekende Ooijpolder.
Dit natuurgebied is grotendeels gevormd door de steenfabrieken die hier vroeger hun grondwinningen hadden.
De Ooy (-polder) was verdeeld in:
Ooi, schependom der stad Nijmegen.
Ooi Rijks, van ouds onder het Rijk behoord hebbende en
Ooi, voormalige heerlijkheid, in 1798 geïncorporeerd,grenzend ten zuidwesten aan Nijmegen, ten noordwesten de rivier de Waal, ten noordoosten Erlecom, ten oosten het Frans territoir, ten zuidoosten de dorpen Persingen en Ubbergen.
Ooij heeft ongeveer 2300 inwoners en is gemeente Ubbergen
Huissen aan de Rijn, vier km ten Zuiden van Arnhem.
Hier rondom Huissen in de Over-Betuwe, splitst de IJssel zich af van de Rijn.Hanzestad
In de 12e eeuw kreeg Huissen stadsrechten.
In Huissen zijn al eeuwenlang geen drukke handelshuizen meer te vinden.
Ook proef je er niet meer de drukke, kleurrijke sfeer van handelaren, kooplieden en tolgaarders.
Toch was het ooit een kleurrijk en druk Hanzestadje in het Gelderse Gewest, een bloeiende koopmansstad onder graaf Johan van Kleef.
Menigmaal hebben de Heren van Gelder het stadje bestookt. Maar hun dwangbevelen, in die dagen nog in de vorm van stormrammen en ander werptuig, werden beantwoord met kokende olie en veldkeien. Huissen bleef behoren tot het graafschap (later hertogdom) Kleef, weer later overgegaan in het Koninkrijk Pruissen.Het stadje Huissen zelf was vroeger een gesloten geheel.
Er waren vijf stadspoorten die 's avonds om negen uur werden gesloten.
Het uur van sluiten werd aangegeven door het luiden van de 9-uurs-klok.
De stadstorens werden in de loop der jaren gesloopt, maar het luiden van de 9-uurs-klok bleef bestaan. (Na een verbod van de Duitsers in 1942 is hieraan een einde gekomen).Vicarie Huissen
Deze kapellanij/'hulpparochie' was hoofdzakelijk bestemd voor de zielzorg buiten de stad Huissen. Buitenplaatsen als Bemmel, Pannerden en Angeren waren aangewezen op de Vicarie omdat ze zelf geen Katholieke kerk hadden De katholieken van genoemde buitenplaatsen konden ook kerken in (heerlijkheid Hulhuysen) Hulhuizen.
Als overblijfsel van deze 'kerkegang' zijn er nog de 'sporen' van de kerkpaden,, zoals het pad over de heuvel, of namen van huizen die ooit café's langs zo'n pad waren. (De leste Stuver, de Vliegaan).
Kerkelijke gebeurtenissen in Huissen kunnen wijzen op herkomst uit Bemmel of Angeren.kermis
In Huissen was een maal per jaar de 'Huissense Kermis'. Van wijd en zijd stroomden mensen toe. Er werd veel gedronken en heel veel gegeten, vooral vlees. Het moeten Breugeliaanse taferelen geweest zijn.tabaksteelt
Al in de 17e eeuw was Huissen bekend om zijn tabaksteelt. Spoedig kwam daar de teelt van groenten en fruit bij. Er waren nog niet de nu zo bekende boomgaarden.1769 - dijkdoorbraak
Eind december 1769 in de ochtend om vijf uur was er na uitzonderlijk hoog water het stuk bij de Angersche dijk doorgebroken. Een jol met acht mensen sloeg in het noodweer om.
Twee van hen verdronken. De andere zes konden zich aan takken en bomen vasthouden en werden de volgende ochtend gered met een aak. Doch ook deze aak sloeg om …
Een van de zes mannen verdronk. (Zijn lichaam werd een maand later gevonden in Roosendaal.)
De resterende vijf werden vervolgens met een grotere aak, die bezig was vee te redden, opgehaald.1772 - hondsdolheid
Eind november 1772 overleed in Huissen baron Julian van Spittaal.
De baron was twee maanden eerder bij de opening van de jacht door zijn eigen hond gebeten.
De baron schoot de hond daarop dood en nam een aantal dagen medicijnen in om infectie te voorkomen. De wond heeft echter zijn uitwerking gehad en de baron werd ernstig ziek.
De hond had bij nader inzien hondsdolheid gehad.
De baron was overigens een van de gereddenen van de ramp drie jaar eerder, in 1769.1775 - pokken
In 1775 zijn de meeste (ingeschreven) kinderen van Huissen overleden aan de Pokken.
Er was een gezin dat in vijf dagen tijd drie kinderen van 5, 6 en 8 jaar verloor aan de Pokken …1795 - Huissen even Frans
Huissen was dus eeuwen lang een stad van Kleef.
Deze 'rust' duurde tot 1795 :
De Franse Republiek en Pruissen sloten in dat jaar vrede en er werd geregeld dat het gebied op de linkeroever van de Rijn (waaronder Huissen) voortaan aan de Franse bezetters toehoorde. Huissen was toen dus even Frans.
Opnieuw heeft Huissen te lijden van de plunderingen, nu door de Sansculotten (is een scheldnaam: sans=zonder, culot=broek). Deze Franse soldaten kwamen uitgehongerd en havenloos gekleed in de overwonnen gewesten en vertrokken er weldoorvoed en gekleed.
Dat laatste natuurlijk ten koste van de in- en omwoners.1808 - 12 1/2 dukaten
Koning Lodewijk brengt een bezoek aan Huissen en schonk iedere Huissenaar 12 1/2 dukaten1813 - Huissen weer bij Pruissen
Al na een paar jaar werd Huissen weer gevoegd bij het Koninkrijk, dat weer enige jaren later werd ingelijfd bij Frankrijk.
Na de nederlaag van Napoleon in 1813 werd Huissen weer gevoegd bij Pruissen.
En ja hoor, twee jaar later volgde een grenscorrectie en Huissen werd aan Nederland toegewezen. Tot zover in het kort het touwtrekken in de eerste jaren van de 19e eeuw.Het is wel nodig dit te weten omdat het nauw samenhangt met de plaatselijke geschiedenis van kerk en geloof. En dat is dan weer van belang bij het onderzoek van Steenhof(f) in bijvoorbeeld Bemmel en Ooy
GENDT
Gendt, Hulhuizen
gemeente Gendt met Hulhuizen rood omcirceld
1832Deze aloude naam is nog in gebruik.
De tegenwoordige gemeente Gendt in de Over-Betuwe omvat, behalve het overgrote deel van de voormalige hoge heerlijkheid Gent ook nog de vroegere Kleefse enclave Hulhuizen, die in 1816 bij Gelderland is gevoegd.
Op 1-1-1996 woonden in Gendt 7131 personen, in 2597 woningen.Tot de 16e eeuw was Gendt een echte rivierplaats. Nadat de Waal een andere loop kreeg was het afgelopen met de groei. Gendt is nooit een echte stad geworden.
De katholieken bleven na de Reformatie in 1600 altijd wonen in Gendt. Voor veel inwoners veranderde er niet veel. Op een steenworp afstand lag Hulhuizen, dat tot het katholieke Kleef behoorde. In plaats van naar de kerk aan de huidige Torenlaan te gaan, wandelden de gelovigen een eindje verder om in Hulhuizen hun godsdienstige verplichtingen te vervullen.
Bij kerkelijke gebeurtenissen in Hulhuizen kunnen we dus rekening houden met een afkomst uit Gendt.
Het protestantisme had in Gendt weinig succes.In de winter van 1795 staken de Fransen o.a. bij Gendt de Waal over. Een nieuw tijdperk brak aan. Niet de adellijke families, maar de gewone bevolking had het vanaf toen voor het zeggen in Gendt.
De Franse tijd bracht ook godsdienstvrijheid. De kerk in Hulhuizen werd te klein voor het groeiend aantal parochianen. Uitbreiding of nieuwbouw ter plaatse was, o.a. door de ongunstige ligging ongewenst. De Waal schuurde zich steeds dichter naar de kerk en deze was bij hoog water uiteindelijk nauwelijks meer bereikbaar. Hoge ijsgang nam de rest van de sloop voor zijn rekening. Aan de Markt in Gendt werd een nieuw kerk gebouwd.Hulhuizen
Hulhuizen ligt aan de Waal tussen Doornenburg en Gendt.
Al in de 13e eeuw moet er een kapel in Hulhuizen hebben gestaan. Deze groeide uit tot de parochiekerk. Er werd een burcht gebouwd.
burcht Hulhuizen
Lange tijd werd er om de heerlijkheid Hulhuizen en zijn burcht gestreden tussen de diverse Kleefse en Gelderse Heren.
In het jaar 1654 was het nog intact; te midden van brede, door de Waal gevoede grachten, bestond het uit vier grote, door hoektorens geflankeerde vleugels; de bijbehorende Mariakapel stond buiten de gracht. In dit jaar was het Waalwater reeds tot op 8 roeden van het slot doorgedrongen; ten slotte spoelde het slot zowel als de kapel weg.
Enkele resten bleven staan en zo was het mogelijk, dat een laat 17e eeuwse tekenaar van Hulhuizen nog een plomp stuk bouwwerk als laatste overblijfsel van het oude slot in beeld kon brengen (boven het dorpje, direct aan de Waal, met vlag erop!)Er werd een nieuw kerk gebouwd die nogal bouwvallig bleek.
In 1844 werd de zaak afgebroken. Sindsdien hoorde de parochie Hulhuizen onder GendtIn 1500 woonden er circa 80 gezinnen in Hulhuizen.
In 1800 waren dat er nog maar negen.
Dat de heerlijkheid er in den loop der eeuwen niet groter op was geworden, valt wel het duidelijkst te zien uit het aantal bewoners in het begin van de 19e eeuw.
Blijkens een opgave van het jaarlijks inkomen in 1807, waren er toen 9 hoofden.van gezinnen, te weten: l timmerman, l winkelier, 2 daglooners, l waard, l visser, l kleermaker,
l pastoor en l koster. Het aantal bewoners van de voormalige enclave heeft zich nooit verder uitgebreid.Hulhuizen speelde na de Reformatie (1600-1800) vooral een rol doordat het tot Kleefs grondgebied behoorde. Hier kon en werd door de katholieken uit bijvoorbeeld Gendt en Doornenburg worden gekerkt. Ondanks vele pogingen van Gelre bleef Hulhuizen in Kleefse handen.
Het werd in 1815 weer bij Nederland gevoegd en vormt samen met Gendt één gemeente.